Kennisgeving voornemen tot verhuur Jaagpad Oost 14
2 juni 2026
Locatie
Jaagpad oost 14, 6219 NN, Maastricht
Motivatie
Gemeente Maastricht heeft een huurovereenkomst voor de ligplaats met de eigenaar van de woonboot gelegen aan bovengenoemd adres. De eigenaar heeft de woonboot verkocht.
Gemeente Maastricht is voornemens een huurovereenkomst aan te gaan met de toekomstige eigenaren van de woonboot.
Betrokkenen zijn gezamenlijk toekomstig eigenaren van de betreffende woonboot, welke momenteel reeds is aangemeerd ter hoogte van deze ligplaats en waarbij er een huurovereenkomst van kracht is tussen de Gemeente Maastricht en de huidige eigenaar. De gemeente Maastricht is van mening dat de toekomstig eigenaren van de woonboot kunnen worden aangemerkt als serieuze gegadigden voor het aangaan van een huurovereenkomst voor deze ligplaats, mede met inachtneming van het bepaalde in de artikelen 7:270b BW en artikel 3 lid 2 Algemene Voorwaarden bij de huurovereenkomst. In art. 7:270 BW is bepaald dat een huurder van een ligplaats bij de verkoop van zijn woonboot kan vorderen dat de rechter hem zal machtigen om de koper van de woonboot in de plaats te stellen. Voorts is in artikel 3 lid 2 van de Algemene voorwaarden bepaald dat de huurder bevoegd is aan verhuurder een derde in zijn plaats als verhuurder voor te dragen.
Reactietermijn
Bent u van mening dat ook u gelet op het gelijkheidsbeginsel als gegadigde aangemerkt dient te worden voor deze verhuur, stuur dan voor 22 juni 2026 per aangetekende brief een gemotiveerde reactie aan gemeente Maastricht, afdeling Vastgoed, t.a.v. Nina Scheien, Postbus 1992, 6201 BZ Maastricht.
Vermeld in uw brief in ieder geval:
- de datum van publicatie en om welk object het gaat;
- uw naam, adres en woonplaats;
- waarom u van mening bent dat u voor dit object ook als gegadigde moet worden aangemerkt;
- uw handtekening;
als u voor iemand anders een motivatie indient, bijvoorbeeld namens een bedrijf, stuur dan een machtiging mee De hiervoor genoemde reactietermijn merken wij aan als vervaltermijn. Blijft een schriftelijke reactie (of kort geding) binnen de genoemde reactietermijn uit, dan is de gemeente vrij om (verder) gevolg te geven aan haar voornemen tot uitgifte.