Kennisgeving voornemen tot verhuur Jaagpad West 5
30 juni 2026
Locatie
Jaagpad West 5, 6219 NN, Maastricht
Motivatie
De gemeente Maastricht heeft met de huidige eigenaar van de woonboot, gelegen aan bovenvermeld adres, een huurovereenkomst voor de ligplaats. De eigenaar is voornemens de woonboot te verkopen.
De gemeente Maastricht is voornemens een nieuwe huurovereenkomst voor de ligplaats aan te gaan met de toekomstige eigenaar van de woonboot.
Betrokkene is toekomstig eigenaar van de betreffende woonboot, welke momenteel reeds is aangemeerd ter hoogte van deze ligplaats en waarbij er een huurovereenkomst van kracht is tussen de gemeente Maastricht en de huidige eigenaar. De gemeente Maastricht is van mening dat de toekomstige eigenaar van de woonboot aangemerkt kan worden als enige serieuze gegadigde voor het aangaan van een huurovereenkomst voor deze ligplaats, mede met inachtneming van het bepaalde in de artikelen 7:270b BW en artikel 3 lid 2 Algemene Voorwaarden bij de huurovereenkomst. In art. 7:270 BW is bepaald dat een huurder van een ligplaats bij de verkoop van zijn woonboot kan vorderen dat de rechter hem zal machtigen om de koper van de woonboot in de plaats te stellen. Voorts is in artikel 3 lid 2 van de Algemene voorwaarden bepaald dat de huurder bevoegd is aan verhuurder een derde in zijn plaats als verhuurder voor te dragen.
Reactietermijn
Bent u van mening dat ook u gelet op het gelijkheidsbeginsel als gegadigde aangemerkt dient te worden voor deze verhuur, stuur dan vóór 21-07-2026 per aangetekende brief een gemotiveerde reactie aan gemeente Maastricht, afdeling Vastgoed, t.a.v. Nina Scheien, Postbus 1992, 6201 BZ Maastricht.
Vermeld in uw brief in ieder geval:
- de datum van publicatie en om welk object het gaat;
- uw naam, adres en woonplaats;
- waarom u van mening bent dat u voor dit object ook als gegadigde moet worden aangemerkt;
- uw handtekening;
- als u voor iemand anders een motivatie indient, bijvoorbeeld namens een bedrijf, stuur dan een machtiging mee De hiervoor genoemde reactietermijn merken wij aan als vervaltermijn. Blijft een schriftelijke reactie (of kort geding) binnen de genoemde reactietermijn uit, dan is de gemeente vrij om (verder) gevolg te geven aan haar voornemen tot uitgifte.